De negen levens van Alexander Dresen (LNM Media)
Van: marcernst.com
Amper vier jaar na haar oprichting is op 30 maart laatsleden
de bvba After The Hype failliet verklaard. After The Hype
was het bedrijf achter een rist community-, networking- en
dating-websites en een tijdschrift. Voor entrepreneur en internetpionier
Alexander Dresen betekende dit faillissement zijn derde sinds
2001. Nog geen twee weken na het op de fles gaan van After
The Hype zette come back kid Dresen echter een nieuwe vennootschap
op: LNM Media. Die slaagde er in om het handelsfonds van het
gefailleerde After The Hype in te pikken. Achtergronden bij
een merkwaardig faillissement en portret van een even opmerkelijk
entrepreneur die van de kantjes aflopen zijn handelsmerk maakte
en wel een kat met negen levens lijkt.
De in Moskou geboren serial-ondernemer Alexander Dresen (35)
zette zijn eerste zakelijke stappen in 1994 als vereffenaar
van de bvba Beltraco International. Het bvbatje was
gevestigd op het adres van Alexander Dresen zijn stiefvader
en moeder in Mechelen (Oude Antwerpse baan). Dresen is de
naam van zijn Belgische stiefvader, zijn biologische vader
heet Evstatov. Zijn moeder, Tatiane Alexeevna Evstatov (recentelijk
ook de medeoprichtster van Dresens nieuwste bedrijf LNM Media
zie verder), emigreerde in 1978 met haar toen zes jaar
oude zoon Alexander van de toenmalige Sovjet-Unie naar België.
Twee jaar later, toen hij nog studeerde aan de Vrije Universiteit
Brussel, haalde Dresen met zijn bedrijfje Cyber-A
de kolommen van het weekblad Trends. Onder die merknaam (Cyber-A
was geen vennootschap) zette hij een gratis zoekertjessite
op, één van de eersten in dit land.
Eind 1996 koopt Alexander Dresen zijn ouders uit bij Corubel
Trading International, een nv die aan import en export doet.
Corubel was pas drie jaar eerder opgericht. Hij verandert
de doelstelling van het bedrijf: schrapt de trading-activiteiten
uit de statuten, behoudt het adviseren van zakenlui in Rusland
en de personeelsrekrutering en voegt er softwareontwikkeling,
netwerking, customer fulfilment, internetmarketingresearch
en e-business aan toe.
Netconsult
Acht maanden later wijzigt Corubel zijn naam in Netconsult
en neemt Dresen ontslag als gedelegeerd bestuurder. In zijn
plaats worden twee Moskovieten benoemd: de oom van Alexander
aan moederskant en zijn grootmoeder. Als Trends in 2002 een
uitvoerig en nogal ontluisterend artikel publiceert over de
handel en wandel van Alexander Dresen ontdekt redacteur Bruno
Leijnse dat die oom niet op de hoogte was van zijn bestuursfunctie
in de vennootschap van zijn neef, geen bruikbare kennis heeft
van enige vreemde taal en niet eens over een computer geschikt.
Netconsult gaat op 2 februari 1999 failliet, na een dagvaarding.
De dagvaardende partij is een ex-jobstudent met een schuldvordering
ten belope van de luttele som van 1396 euro. Dat wordt het
eerste van een lange lijst van faillissementen in de zakelijke
carrière van Alexander Sacha voor
de vrienden Dresen. Het faillissement wordt echter
na beroep van Dresen opgeheven in mei 1999. Dergelijk scenario
doet zich wel meer voor bij faillissementen. Doorgaans omdat
de dagvaardende de schuldeiser(s) inmiddels heeft betaald.
Wellicht was dat bij Netconsult ook het geval. Hoe dan ook,
later zal Dresen er nog eens in slagen om een faillissement
ongedaan te maken (dat van Viralco zie verder).
Op 4 december 2001 wordt Netconsult echter voor een tweede
keer failliet verklaard. Netconsult was de beheerder van de
toenmalige portaalsite place.to.be. Die had ook een chat-rubriek.
In die tijd was dat tamelijk uniek. Later werd place.to.be
verkocht aan Headtrick Media Group nv.
Uit ROIcast geflikkerd
De verkoop van chat.to.be/place.to be aan Headtrick gebeurde
via ROIcast nv, een bedrijf voor datamining en web statistics
dat aanvankelijk E.aAudit.net heette en in september 1990
werd opgericht door Dresen en Michel Vermeulen (een ancien
van Uunet). ROIcast kreeg in maart 2002 een kapitaalsinjectie
van 600.000 euro vanwege Big Bang Ventures. Daarmee werd de
venture-kapitaalverstrekker er meerderheidsaandeelhouder.
Enkele maanden later verlaat Dresen het bedrijf, weliswaar
niet op eigen initiatief. In april 2003 verkocht Big Bang
de ROIcast-technologie en het handelsfonds van het bedrijf
aan het Amerikaanse SteelTorch Software Inc.
In welke omstandigheden Alexander Dresen ROIcast verlaten
heeft, bleef tot hiertoe een goed bewaard geheim. Maar dat
zit zo: hij werd aan de deur gezet toen hoofdaandeelhouder
Big Bang Ventures achterhaalde dat Dresen, in het geniep en
met hun centen, zijn nieuwste geesteskind place.to.be/chat.to.be
verder aan het ontwikkelen was (met Russische programmeurs)
en bovendien op grote voet leefde op kosten van de onderneming.
Hoe place.to.be alias chat.to.be met zijn hele hebben en
houden in handen kwam van ROIcast is iets wat de toenmalige
curator van Netconsult (curator/advocaat Dirk De Maeseneer
uit Leuven) destijds intrigeerde. Achterhalen hoe de vork
precies aan de steel zat was echter niet eenvoudig omdat Dresen
zich weinig coöperatief opstelde naar de curatele toe.
Meer zelfs: elke samenwerking weigerde, met inbegrip van het
niet overmaken van de boekhouding van Netconsult.
Ook vandaag stelt de curator van Dresen zijn laatste faillissement,
dat van After The Hype, een aantal vreemde zaken vast bij
het bestuderen van de boekhouding van de vennootschap. Meester
Jeroen Leaers (uit Zwijnaarde): ik heb vragen over en
bedenkingen bij een aantal boekhoudkundige aspecten. Die heb
ik in mijn verslag aan het parket en aan de rechter-commissaris
geformuleerd.
Urban X Development
Tussen het voor de tweede keer op de fles gaan van Netconsult
(een eerste faillissement werd, zoals gezien, ongedaan gemaakt)
en het recente faillissement van After The Hype, was Dresen
als zaakvoerder ook betrokken bij het faillissement van Urban
X Development bvba. Deze firma werd opgericht in 2001 en op
27/4/2004 werd ze failliet verklaard. Urban X Development
was een grafisch ontwerpbureau. Het is opgezet door ROIcast
(40%) en twee andere vennoten (beiden grafici), om de vormgeving
van LookNmeet.be te verzorgen. LookNmeet.be is een social
networking site voor jongeren. Na de kapitaalsparticipatie
(en machtovername) van Big Bang Ventures in ROIcast trekt
deze laatste zich echter terug uit Urban X. Alexander Dresen
is steeds zaakvoerder gebleven van de vennootschap.
Urban X Development deed in die tijd ook dienst als contact-
en leveringspunt waar drukwerk, besteld via zwartopwit.be,
kon worden opgehaald. Zwartopwit.be is een web based afdeling
en website van drukkerij Bulckens nv uit Herenthout (bij Herentals).
Via de webstek zwartopwit.be kan klein drukwerk (fyers, posters,
dranktickets, stickers, enveloppen enz.) besteld worden. Dat
drukwerk wordt dan opgehaald in één van de contactpunten
(behalve in Gent ook in Antwerpen, Leuven, Hasselt en Mechelen).
De contactpunten krijgen een vergoeding (percentage op de
bestellingen) van drukkerij Bulckens. Of drukkerij Bulckens
mede de dupe werd van het faillissement van Urban X Development
is niet zeker maar wel plausibel. Het bedrijf weigert elke
communicatie over deze zaak. Evenmin zeker maar eveneens waarschijnlijk
is dat het deze drukkerij is die een strafklacht met burgerlijke
partijstelling tegen Alexander Dresen indiende. Twee personen
werden door de politie van Gent ondervraagd in het kader van
een strafklacht tegen Alexander Dresen vanwege een drukkerij.
De naam van die drukkerij herinneren de verhoorde personen,
beiden ex associés van Alexander Dresen, zich niet
of werd hen niet medegedeeld door de politie-inspecteur die
het verhoor afnam en PV opstelde. Bij drukkerij Bulckens houdt
men terzake de lippen stijf op elkaar. De financieel directeur
wilt enkel kwijt dat het bedrijf momenteel nog een financieel
geschil heeft met Alexander Dresen. Om de nakende
oplossing van dat geschil niet in de weg te staan wenst
men echter geen verdere mededelingen te doen.
Viralco
Viralco is eveneens een firmaatje van Dresen. Hij bezit er
100 procent van de aandelen van. Het bedrijfje werd op 20/9/2002
opgericht en is op 19/4/2004 in faillissement verklaard. Maar
de faling werd op 24/6/2005 door de rechtbank van koophandel
ingetrokken. Sinds haar bestaan heeft het bedrijf echter nooit
een balans meer neergelegd (ondanks de wettelijke verplichting
daartoe). Wat precies de activiteit was/is van Viralco is
onduidelijk. De neergelegde akte maakt melding van commercieel
en technisch advies alsmede advies en diensten inzake management,
beleid en organisatie, informatica, marktonderzoek, public
relations, marketing, en opleidingen. Volgens sommige bronnen
betreft het eigenlijk de management-vennootschap van Dresen
en is ze destijds opgericht als facturatievehikel in de periode
dat Big Bang Ventures in het kapitaal van ROIcast trad en
Dressen zijn werkzaamheden voor ROIcast ging factureren. De
huidige maatschappelijk zetel van Viralco is nog steeds Korenlei
22, Gent. Op dat adres was officieel ook nog After The Hype
gevestigd op het moment van zijn faillissement (30/3/2007),
terwijl er in werkelijkheid sinds 1 februari 2007 een ander
bedrijf waar Dresen niets mee te maken heeft gevestigd is
(Qbian nv) en Ather The Hype en Dresen met de noorderzon verdwenen.
En onvindbaar waren voor de talrijke deurwaarders die ze op
de hielen zaten . Het is een wettelijke verplichting dat ondernemingen
binnen de 15 dagen de verhuis van hun maatschappelijke zetel
bekend maken door middel van een publicatie in het staatsblad.
Viralco is op dit ogenblik een slapende vennootschap,
ze is sinds 2 mei 2007 niet langer BTW-plichtig.
Faillissement After The Hype
De staking van betaling van After The Hype werd vastgesteld
op 30 maart laatleden. De publicatie van het faillissement
in het staatsblad gebeurde op 10 april. After The hype was
gedagvaard in faillissement door de RSZ. De eerste dagvaarding
van de RSZ dateert echter al van 20 september 2004. In totaal
gebeurde dat niet minder dan elf keer, de laatst maal op 19
maart. Volgens diverse bronnen was Dresen niet op de hoogte
van die laatste dagvaarding omdat ze betekend was op het adres
waar de vennootschap officieel al twee maanden geleden vertrokken
was (in werkelijkheid al langer). De dag dat het faillissement
werd uitgesproken zat Dresen trouwens in Parijs. Ook zijn
juridisch raadgever of boekhouder, die een betalingsplan met
de BTW en RSZ had bedongen (zie verder), waren niet op de
zitting van de handelsrechtbank aanwezig. Saillant weetje:
in het verleden deed Dresen meermaals beroep op PricewaterhouseCoopers
voor juridisch en zakelijk advies. Volgens een insider was
PricewaterhouseCoopers gekant tegen een faillissement van
After The Hype. Feit is dat Dresen ernstig rekening hield
met de kans op een dagvaarding in faillissement. Maar volgens
die zelfde bron speelde hij ook met het idee om zelf de boeken
neer te leggen (faillissement op bekentenis).
Dat het toch tot een faillissementsvonnis op dagvaarding
kwam is opmerkelijk want er bestond een akkoord tussen de
RZS en After The Hype wat de regularisatie en de betaling
van de achterstallen betreft. Zon overeenkomst was er
ook met de BTW-administratie. Die akkoorden waren onderhandeld
door de boekhouder van het bedrijf. Waar en waarom het toch
misliep is niet duidelijk. Was dat op het vlak van de communicatie
tussen de handelsrechtbank en de RSZ die After The Hype in
faillissement had gedagvaard? Of tussen het bedrijf en haar
boekhouder? Deze laatste was evenmin als Dresen op de zitting
aanwezig, hoewel dat bij een akkoord gebruikelijk is. Mogelijks
besliste de rechtbank op basis van de gegevens die haar ter
beschikking waren gesteld door de zogenaamde kamer voor
handelsonderzoek om toch tot het faillissement over
te gaan; ondanks de overeenkomsten met de RSZ en BTW. Het
feit dat de gedagvaarde partij verstek had gegeven zal daartoe
zeker hebben bijgedragen. De kamer voor handelsonderzoek,
de vroeger depistagekamer, van de handelsrechtbank volgt preventief
de toestand van een schuldenaar in moeilijkheden en kan ambtshalve
onderzoeken of hij voldoet aan de voorwaarden van een akkoord.
Volgens curator Leaerts bedraagt de RSZ-schuld van After
The Hype 100.000 euro. Daarnaast is er ook nog een schuld
aan de BTW van 50.000 euro. Het totale pasief van de vennootschap
en dus tevens het totaal aan mogelijke de schuldvorderingen
is echter (veel?) hoger. Alvast Paratel is een van de overige
schuldeisers. Paratel, een 100%-dochteronderneming van VMMa
(het moederbedrijf achter VTM, JIM tv, radiostation Q-music
enz.), is actief op het vlak van interactieve mediadiensten
zoals sms-diensten en IVR (de 0900-, 070- en 0800-lijnen).
After The Hype was een van de grootste klanten van Paratel.
Gebruikers van de dating en community sites van After The
Hype dienden en dienen hun profiel te activeren, zeg maar
hun lidmaatschap te betalen, via sms of credit card. Ook werden
door de sites zelf smsen verzonden naar de leden/gebruikers.
Bij registratie geven die daartoe de toelating. Het is een
publiek geheim (op diverse internetfora en blogs wordt er
steen en been over geklaagd) dat After De Hype nogal losjes
omsprong met het verzenden van smsjes. Zelf uitgeschreven
leden/gebruikers blijven er toegestuurd krijgen en hebben
de grootste moeite om de stroom van smsjes (maar ook
e-mails) van After The Hype en zijn dating sites ongedaan
te maken.
In het Trends-artikel uit 2002 kon Alexander Dresen elke
vraag (van de journalist) over het niet of veel te laat indienen
van de balansen van zijn bedrijven pareren met opmerking dat
hij een broertje dood heeft aan administratie en op dat vlak
enorm slordig is. Vandaag is die uitleg niet langer geloofwaardig
(als hij dat al ooit was). Het niet (zoals in het geval van
Vivalco) of amper en veel te laat indienen van de balansen
van sommige van zijn ondernemingen (zoals die van After The
Hype) gebeurde na 2002 daarvoor te frequent. Terwijl After
de Hype tussen zijn oprichting (in 2003) en zijn faillissement
minstens drie balansen had moeten neerleggen, deed het dat
in werkelijkheid slechts één keer: in 2004.
In haar enige neergelegde balans maakt After The Hype melding
van een omzet van 577.114 euro en een negatief vermogen van
175.862 euro. Dat negatief vermogen werd nooit aangezuiverd.
Vermoedelijk heeft dit de houding van de Kamer voor
handelsonderzoek (zie hoger) mede aangezet om tot faillissement
van de onderneming te besluiten. Wat vooral opvalt bij die
balans is de lage omzet van de vennootschap. Volgens onze
informatie genereerde After The Hype, via zijn eigen interne
reclameregie, maandelijks gemiddeld zowat 50.000 euro omzet
uit reclame-inkomsten (bannering op de websites en advertenties
in het tijdschrift QT Magazine). Daarnaast werden er, volgens
diezelfde bronnen, maandelijks ongeveer evenveel inkomsten
gerealiseerd uit lidgelden (betalingen via sms en credit card)
en sms-acties uitgaande van de sites zelf. Die verzonden immers
regelmatig sms-berichten naar de leden/betalende gebruikers
en op die verzendingen verdienden After The Hype ook geld.
Anders gezegd: het bedrijf zou ruim dubbel zoveel omzet gemaakt
hebben dan in de boekhouding is opgegeven. Als de ons verstrekte
gegevens kloppen, stelt zich dus de vraag waar het verschil
(voor de laatste twee jaar zeker 600.000 euro/jaar) naartoe
is.
LNM Media
Een dikke twee weken voor het faillissement van After The
Hype hield Alexander Dresen, samen met zijn moeder LNM Media
bvba boven de doopvont. Dresen werd aangesteld tot statutair
zaakvoerder van vennootschap, met zetel in de Koloniënstraat
11 te Brussel. Op de GayID-pagina van de LNM Media-website
(lnmmedia.eu/qtid.eu) wordt evenwel 109-111 als huisnummer
vermeld. Een onschuldig foutje of een nieuwe poging tot misleiding
vanwege LNM Media? In dat laatste geval: misleiding van wie
en waaroom? GAYid is een gay friendly dating en
netwerking community en wordt beheerd door LNM Media.
Volgens Stefan Scheers (de uitgever/eigenaar van de homo-website
GayBelgium.be) betaalde LNM Media 250.000 euro voor het handelsfonds
en de inboedel van het gefailleerde After The Hype. Maar er
waren ook andere kandidaten en biedingen. Een van die bieders
was Scheers zelf. Aanvankelijk bood hij 50.000 euro. Tot een
tweede bod van Scheers, dat naar eigen 300.000 euro zou geweest
zijn (50.000 euro hoger dan dat van LNM Media) is het niet
gekomen. Scheers: We stelden vast dat, ondanks onze
procedure tot opschorting van de verkoop, de verkoop aan After
De Hype toch plaats heeft gehad. Deze handelswijze van
de curator is volgens de advocaat van Scheers, meester Werenfried
Schwagten uit Boom, weinig confraterneel en ronduit
bedenkelijk. Curator Leaerts stelt dat het bod van LNM
Media door de rechter-commissaris is goedgekeurd en door de
rechtbank is gehomologeerd. Feit is dat een curator niet verplicht
is aan de hoogste bieder te verkopen. Hij kan met andere elementen
rekening houden, zoals onder meer de tewerkstelling en de
continuïteit van de onderneming.
LNM Media heeft ondertussen de uitbating van de diverse websites
van After The Hype verdergezet. Dat zijn, volgens het bedrijf
zelf (op zijn website lnmmedia.eu): QTmagazine.eu, LNM.eu
en GayID.eu. Die websites zijn echter ook onder hun oude be-extensie
terug online. Of beter gezegd: zijn dat nog steeds want ze
waren nooit offline. Het handelsfonds van After The Hype bevatte
ook de volgende domeinnamen: datik.be, qtid.com, nightofqt.eu
(alsmede met de extensie .be en .com), gayscene.be, gayworld.eu,
biztribe.be, luxuryonline.eu (ook met de extensie.com). Enkel
de drie laatste URLs geven vandaag niet langer thuis
als men ze intikt. Qtid.com is ondertussen omgedoopt tot GayID.eu
en, via redirect, enkel nog onder dat URL bereikbaar. After
The Hype gaf tevens een tweemaandelijks gay minded
mannenblad uit: QT. Ook dat wordt door LNM Media blijkbaar
verder gezet want er verschenen na het faillissement van After
The Hype al twee nieuwe nummers: in mei en in september.
Dresen mag dan wel onwetend geweest zijn over de dagvaarding
in faillissement van After The Hype en door het vonnis enigszins
verrast, uit tal van feiten blijkt dat hij er wel degelijk
op voorbereid was. In een kort artikeltje in Trends van 10
mei over het faillissement van After The Hype werd opgemerkt
dat GayID al in 2005 vermeldde dat het part of LNM Media
was. In die tijd heette GayID echter QtD.com. In 2005 bestond
LNM Media evenwel nog niet als vennootschap. Maar blijkbaar
wel in het achterhoofd van Dresen. Het is niet de enige aanwijzing
dat Dresen al een hele tijd over een noodplan beschikte. Het
faillissement van After The Hype behoorde al in 2005 tot de
mogelijkheden want de vennootschap had toen al RSZ-achterstallen.
Ze kreeg haar eerste RSZ-dagvaarding in september 2004. Dat
de onderneming twee jaar geleden al in slechte financiële
papieren zat, was niet bepaald een staatsgeheim. In oktober
2005 berichtte het internet-vakblad Inside, toen nog Inside
Internet geheten, over de pogingen van het bedrijf om het
faillissement te voorkomen.
De registratie van de eu-extensies van de websites van After
The Hype alsmede van de domeinnamen lnmmedia.eu en lnm.eu
gebeurden trouwens in april 2006. En in Media Plan 2007, een
jaarboek over de media in België (een nevenproduct van
het maandblad MediaMarketing), dat verscheen in januari 2007
werd ook al melding gemaakt van LNM Media. Met name in het
email-adres van de opgegeven contactpersoon (Sven Verstraeten).
Het is dus meer dan gewettigd te geloven dat achter het imago
van administratieve kluns en paperassenhater die Alexander
Dresen vernuftig opbouwde in werkelijkheid een pienter en
gewiekst maar weinig ethisch ondernemer schuil gaat.
Wie dat alvast begrepen heeft, is het CIM (Centrum voor Informatie
over de Media). De raad van bestuur van de organisatie besliste
om LNM Media niet als CIM-lid te aanvaarden. Gevolg: de diverse
sites van LNM Media komen, in tegenstelling tot de webstekken
van After The Hype destijds, niet voor in de Metriweb-statistieken.
Op de reclamemarkt, en zeker bij de grote regies en dito adverteerders,
kan LNM Media het voortaan dus wel schudden.
You can fool all the people some of the time, and some
of the people all the time, but you cannot fool all the people
all the time, zei ooit voormalig Amerikaans president
Abraham Lincoln. Het is nu afwachten of Dresen er zal in lukken
het parket een oor aan te naaiden en de dans zal ontspringen.
Hij mag dan wel een kat met negen levens lijken, ooit moeten
die toch opgeleefd zijn.
Marc Ernst
Noten
- Over het faillissement van After the Hype verscheen van
mijn hand een artikel in het e-marketing vakblad Inside (digital
media) van september. Dat artikel is een ingekorte versie
van deze blog. Klik hier voor de NL Pdf-versie van dat artikel.
En hier voor de Franstalige versie er van.
- Nogal wat informatie voor deze blog, vooral dan welke niet
afkomstig is van financiële databanken en de website
van het staatsblad, is aangeleverd door diverse mensen/informanten
die reageerden op een posting van mij op de gekende blogsite
lvd.net. In een comment onderaan een blog waar sprake was
van Alexander Dresen, deed ik een oproep om me te voorzien
van informatie over de man zijn zakelijke handel en wandel.
Eerder had trouwens al een zekere Sven geopperd dat het wenselijk
en nuttig zou zijn dat er eens een artikel gemaakt werd over
s mans zakelijke zeilen en reilen. Ik stelde me kandidaat
om dat te schrijven en nodigde iedereen die daar meer over
wist contact met me op te nemen. Dat leverde een rijke oogst
aan saillante informatie op. En een posting van onverlaat
die het nodig achtte om (anoniem, of wat dacht u) wat ranzige
en oliedomme opmerkingen over me te maken. Zalig zij de armen
van geest
|